We waren in Valencia, om mijn lieve nichtje te bezoeken en alvast wat lente op te snuiven. Echtgenoot J moest studeren, Nichtje werken en kleine L wilde lekker even niks. Dus het kwam erop neer dat ik in de ochtend in m’n eentje door de stad zwierf, dat we samen lunchten in ons fijne appartement midden in de wijk Rufaza en na een middag met z’n drieën door de stad gezworven te hebben, Nichtje ergens ontmoetten en overgingen op een borrel met wat tapas.
Heerlijk, die ochtenden alleen! Ik wandelde van overdekte markthal naar overdekte markthal, vol bergen tomaten, hammen, broden en octopussen, kromme oude vrouwtjes met zo’n boodschappentas op wieltjes, die foeterend laveerden tussen de locals of toeristen – afhankelijk van de locatie. Nog even koffie op een pleintje, naar een lokale supermarkt of dat leuke bakkertje en dan terug naar huis met vers brood, een pasteitje, wat rijpe tomaten en kaas. En na de lunch wandelden we samen verder, door die fantastische tuin van 9 kilometer lang of over het brede strand bij de oude visserswijk en daarna gingen we op zoek naar een lekker hapje. Het was verrukkelijk. En toen moesten we weer terug naar winderig en regenachtig Amsterdam. Wat nou lente.
Heel veel kilometers liep ik gemiddeld op zo’n dag en ik at heel weinig groente. Jemig, wat was het moeilijk om een goede portie groen te vinden! We aten wel de heerlijkste vis – octopus en lokale kleine mosseltjes, garnalen met veel knoflook en van die verse hamkroketjes. Maar groente was verpakt in een Russische salade of een tortilla en dat was dan dus voornamelijk aardappel.
Alleen de laatste avond, toen Nichtje ons meenam naar een buitenwijk waar geen toerist te vinden was, vonden we wat groen. Er zat een goede bodega waar we heen wilden die niet open bleek te zijn en een andere leuke plek vinden lukte niet. Dus we kwamen terecht in een cafeetje met tl-licht waar twee mannen met een bouwvakkers decolleté (waar kleine L gefascineerd naar staarde) hard op een flipperkast ramden (en er nog geld uit kregen ook), waar de wc’s vies waren en de muziek net te hard stond. We hadden er een superleuke middag! We speelden eindeloos spelletjes, dronken een biertje en een sapje en bestelden uiteindelijk ook daar wat tapas. Ze serveerden geroosterde groente met ajo perijil (knoflook en peterselie), paddenstoelen en een goede tortilla. Alles eenvoudig, maar vers en lekker. Ik had m’n groente, de bouwvakkers hun munten, kleine L mocht dat leuke flesje meenemen van de aardige serveerster en we hadden alle vier een ontzettend leuke dag. Eind goed al goed.
Maar toen ik thuis kwam, kon ik het toch niet laten om de eerste week alleen maar groente te maken: gratin van bietjes, salades met allerlei soorten groen, radijzen, groene asperges, een bomvolle minestrone, risotto met erwtjes en venkel, gepureerde soepen en veel geroosterde groente.
Met Spanje nog in het hoofd, genoot ik het meest van deze eenvoudige salade van tomaat en paprika – als bijgerecht, op een cracker met humus, op een boterham met kaas en als onderdeel van een buffetje met hartige taarten en salades. Toch een beetje Spaanse lente tussen de regenbuien door.
Een salade van geroosterde tomaat en paprika heet bij Movida asadillo en Claudia Roden noemt het pipirrana. Dit is mijn versie.

Salade van geroosterde tomaat en paprika
3 rode of gele paprika’s
500 gr tomaten
3 el goede olijfolie
1 teen knoflook, fijngehakt
Peper en zout
Verwarm de oven voor op 240°C. Leg een vel bakpapier op de bakplaat en leg er de hele tomaten en paprika’s op. Bak 10 minuten en haal de tomaten dan uit de oven. Laat de paprika’s nog 20 minuten staan.
Ontvel de tomaten (dat moet nu heel gemakkelijk gaan), snijd ze in kwarten of achten en leg ze in een schaal. Hak de teen knoflook fijn en voeg toe. Leg de paprika’s als ze klaar zijn (ze worden rimpelig en donker) in een pan met deksel erop gedurende tien minuten. Ontvel ze dan, scheur of snijd ze aan stukken en voeg ze toe aan de tomaten. Schenk de olijfolie erover, breng goed op smaak met peper en zout en meng voorzichtig.
Deze salade is meteen al lekker, maar de smaken verdiepen zich als hij een dag of twee staat. Voor vier personen als voorgerecht of bijgerecht en fijn als onderdeel van een saladebuffet. Eet lekker!
