Broodvirus 2

Ik mocht op cursus bij mijn broertje. Het was een compleet arrangement: brood leren bakken, iets lekkers kiezen uit de rijk gevulde wijnkelder, verse pizza’s eten en kroelen met mijn nichtje. Inclusief overnachting en ontbijt, want zo lang duurt het maken van een goed brood blijkbaar.

Dus ik daarheen en inderdaad, tijdens de afwas, het knuffelen of kletsen kon hij ineens opspringen om te roepen: ‘Tijd om om te slaan!’ Of: ‘De autolyse is klaar!’ Dus dan sprong ik ook braaf op en rende mee de keuken in. We maakten twee broden: een gistbrood en een desembrood. Ik was er blij mee, want sinds ik die prachtige rode broodvorm kreeg en het boek over brood van Issa Niemeijer, liep ik geweldig te stoeien met hoeveelheden, rijstijden en verhoudingen. Dit was wel even een andere manier van brood bakken dan ik gewend was, maar ik vond het wel erg leuk om ermee te experimenteren.

Issa neemt de tijd voor zijn broden en is heel precies, wat ik daardoor ook braaf was, maar mijn broertje pakte het iets ruiger aan: ‘Desem kan wel wat hebben!’ Ik leerde allemaal nieuwe termen en technieken, wat weer een impuls was om verder te stoeien. En ik kreeg een potje desem mee.

Sindsdien voed ik niet alleen mijn gezin, de vriendinnen van kleine L. en de appelboom, maar ook mijn desem. Op een gegeven moment heb je dan alleen een enorme hoeveelheid desem en te weinig tijd om er een brood mee te bakken. Ik althans. ‘Weggooien!,’ was het resolute advies van mijn broertje, maar dat vond ik toch zonde. En toen stuitte ik op het recept voor zuurdesem flatbreads van Sanne Verhoeven in het receptenboekje dat bij de groentetas zat.

Het broodvirus heeft me weer helemaal te pakken! Dat platbrood is namelijk lekker, snel te maken, supervers en de desem gaat op. Ik heb ze al geserveerd bij een pittige soep, bij een salade van gemarineerde courgettes, bij mijn salade van ansjovis en tonijn, bij melanzane en vandaag bakte ik van een restje deeg dat ik in de koelkast bewaard had kleine dinerbroodjes in de oven voor bij de salade met bieten, linzen en geitenkaas. Die broodjes hadden zelfs alveoles (luchtbellen)! Dat was me tot op heden nog niet gelukt.

Er gaat een beetje bakpoeder bij dit recept en dat is natuurlijk niet helemaal volgens de filosofie van Issa, maar zelfs hij vindt er ‘niks mis mee’ als je wat gist bij je desembrood doet. In principe dan, want dan wordt het wel een andere manier van brood maken. Ik vind het best. Mijn desem gaat op, iedereen vindt het lekker en het is zo gemakkelijk en snel dat ik toen drie aanwaaiende vrienden zich meldden, mede dankzij dit brood ineens voldoende eten had voor 6, terwijl ik gerekend had op 3.

Vanmiddag maakte ik ook weer eens een brood volgens de theorie van Issa en mijn broertje, mijn aantekeningen van de cursus er keurig naast. Toch was ik de autolyse vergeten, ik had alle ingrediënten meteen bij elkaar gegooid. Ik moet nog veel leren…

Dit recept is voor zes broden, als we met z’n drieën eten maak ik een half recept. Ik heb het deeg dat niet op was gegaan dus enkele dagen goed afgesloten in de koelkast bewaard, het een paar uur voor het bakken uit de koelkast gehaald en er kleine broodjes van gebakken (20 minuten op 200°C). Dat werkte verrassend goed en was erg lekker!

Zuurdesem platbroden

240 gr meel

1 tl zout

1 tl bakpoeder

240 gr zuurdesem

75 ml melk

1 el olijfolie en een paar scheutjes extra

Meng alle ingrediënten in een kom met een houten lepel. Het kan zijn dat je meer melk nodig hebt, dat is afhankelijk van de vloeibaarheid van je desem. Stort het deeg dan op een werkvlak en kneed goed door tot je een mooie bal hebt.

Wikkel in folie en laat een half uur rusten op kamertemperatuur. Als je het deeg wat eerder op de dag wil maken, kun je het ook in de koelkast leggen.

Leg een schone theedoek klaar en zet een grote koekenpan op hoog vuur. Verdeel het deeg in zes stukken en rol ze uit tot platte cirkels (of iets wat daarop lijkt). Giet een klein scheutje olijfolie in de pan, wals zodat de olie zich verdeelt en leg er dan een deeglap in. Houd het brood goed in de gaten, want het gaat snel, het bakken duurt maar een paar minuten! Keer om als de bovenkant droog wordt en blazen krijgt en laat de andere kant bruin worden.

Wikkel het brood in de theedoek. Bak de rest van de broden en leg ze steeds bij de andere broden in de theedoek, dan blijven ze lekker zacht en warm. Serveer met soep, salade, ovenschotel, als onderdeel van je mezzetafel of bij de lunch. Eet lekker!

3 reacties

  1. He wat leuk weer! Ik maak ook platbroden en heb ook al heel wat desembroodjes gemaakt. Vooralsnog niet tot volle tevredenheid, maar we houen vol! Al staat de starter nu al een tijdje in de koelkast. Laatst wel per ongeluk een heerlijke gistbaguette gemaakt. Was ook nog niet eerder gelukt. We hebben nu een oven met ‘added steam’ en ik denk dat ‘that the trick did’. 🙂 Ik heb nog een leuk desempannenkoekenreceptje voor je. Gaat 400 g starter in, dus dat schiet lekker op (zal het ff voor je opzoeken). En ik vind ze heerlijk (ook mijn eigen plantaardige versie). Verrassend trouwens dat in dit platbroodrecept ook bakpoeder en melk gaan. Vooral bakpoeder lijkt me volkomen overbodig. Die desem moet het toch wel in z’n eentje kunnen, zou ik denken. Ik ga ook maar weer eens wat stoeien. En vooral ook weer lekker eigenwijs doen. Groetjes en fijne avond! Erika

    • Lekker stoeien Erika! Leuk, zo’n uitgebreide reactie en ik hou me aanbevolen voor het pannenkoekenrecept. Ik ga ook lekker verder stoeien. Ik plaats overigens een diepere bakplaat onder de plaat met het brood erop en gooi daar een glas kokend water op als het brood de oven in gaat. Deur meteen dicht en je hebt ook ‘added steam’. Dat ‘did the trick also’ 🙂

      • Die trick deed ik ook altijd. Vond het opvallend dat het nu opeens beter lukte. Maar kan ook door iets anders komen. Met brood weet je het nooit. De starter is vandaag weer uit z’n coma gehaald.

Plaats een reactie